BA2-cursus 2024-2025

Chinese taalkunde: Taalvariatie

 

Jeroen Wiedenhof

"If every single living thing is different from every other living thing, then diversity becomes life's one
irreducible fact. Only variations are real. And to see them, you simply have to open your eyes."

Liam Neeson als Alfred Kinsey in Bill Condons film Kinsey (2004), 12':29" - 12':42"

Inhoud

Algemene informatie

Tijd en plaats

Tijd: maandagen 15u15-17u00

Plaats: Lipsius 2.23 vanaf ma 22 sep 24: Mohr 0.22

Behandelde stof

Ter oriëntatie vooraf

 

 

 

 

 

Week 1 (ma 9 sep 24)

Inleiding

Formaliteiten

  • Zie de syllabus van dit college;

    Zorg dat je deze leest!

  • Onderwijsfilosofie wô ài zhèi yi háng

    • een werkcollege, wat houdt dat in?

    • opbouw, ritme en aanwezigheid

    • reflectie; schriftelijke voorbereiding

    • samenwerking binnen & buiten de klas / voorstelrondje

    • timing en beoordeling tijdens het onderwijssemester

Naslag

Warming up

  • De talen van China

  • Taalkunde: intro, deelgebieden & grensgebieden

  • Taalkundige termen in het Mandarijn en in het Nederlands

Huiswerk

  • Behandeling van vragen

  • Behandeling van opdrachten

Opdrachten

Schriftelijk voorbereiden! Raadpleeg de huisregels

1.  Noteer met welke Chinese talen je persoonlijk contact hebt, of hebt gehad.

   Vermeld daarbij:

a.  actief contact? en/of passief contact?

b.  schriftelijk contact? en/of mondeling contact?

– als je niet twijfelt over dit laatste verschil, check dan deze clip

c.  en/of andere relevante factoren?

 

2.  Hoe zou je dat eigenlijk omschrijven / bepalen / definiëren: een Chinese taal?

Heeft zo'n definitie ook praktische nut?

Zo ja: welk nut? – en zo nee: waarom niet?

 

3.   Lees eerst deze aflevering van de Volkskrant-column "WiBrA"

waarin Jarl van der Ploeg vertelt over een ervaring met Nederlandse scheldwoorden.

a.  Heb je in jouw Mandarijnse (en/of Japanse, Koreanse, enz.) taalonderwijs tot nu toe scheldwoorden geleerd?

Zo ja: op welke manier? – en zo nee: waarom niet?

b.  Formuleer zelf een didactische bewering over scheldwoorden in het algemeen, of over een specifiek scheldwoord.

Je hoeft niet achter deze bewering te staan, maar het mag wel. Waar het hier om gaat is dat je ervoor zorgt dat de bewering een didactische wordt.

c.  Is / wordt er in Leiden taalkundig onderzoek naar scheldwoorden gedaan?

Zo ja: geef een (of meerdere) voorbeeld(en) – en zo nee: kun je bedenken waarom niet?

d.  Formuleer nu ook een taalkundige bewering over scheldwoorden, of over een scheldwoord.

Ook hier geldt: je hoeft niet achter deze bewering te staan; het gaat er vooral om dat je 'm taalkundig van aard maakt.

e.  In de tekst van de column is 'hondelul' getranscribeerd tussen aanhalingstekens, maar shit met cursieve letters.

Kun je bedenken waarom?

Zo ja: breng het verschil tussen 'aangehaalde' en cursieve tekst onder woorden – en zo nee: hoe zou het anders kunnen of moeten?

 

f.  Zoals je bovenaan de colum kunt zien, vervangt Jarl van der Ploeg hier een van de vaste columnisten, Sylvia Witteman.

Van haar eigen hand verscheen in deze column onlangs de aflevering "Een nacht".

  • Kun je uit Wittemans tekst opmaken of zij het eens zou zijn met Van der Ploegs bewering "dat scheldwoorden [...] essentieel zijn bij het leren van een nieuwe taal"?
  • En ben je het daar zelf mee eens?
  •  

     

     


    Week 2 (ma 16 sep 24)

    Y.R. Chao: grondlegger van de moderne Chinese taalkunde

    In de Chinese taalkunde van de twintigste eeuw steekt één naam uit boven alle andere: die van de Chinees-Amerikaanse onderzoeker Yuen Ren Chao.

    Chao was een duizendpoot. Naast zijn fascinatie voor taal had hij grote belangstelling voor geluidstechniek, muziek, volkskunst en volkstradities.

    Zijn benadering was heel down-to-earth, en zijn teksten (zeker voor zijn tijd!) zeer toegankelijk. Wat hij ook tegenkwam, hij wist het duidelijk, eerlijk en nauwkeurig te documenteren.

    We lezen deze week Chao's stimulerende verkenning van een van de grote formatieve aspecten van taal: de betekenis.

    Tekst

    Yuen Ren Chao, "Ambiguity in Chinese".

    Achtergrond

    Jeroen Wiedenhof, "Praten met platen".

    Over het pionierswerk van Yuen Ren Chao.

    In: Vol van karakter: Chinees in Leiden.

    Leiden: Stichting Taalmuseum, 2017, pp. 19-21.

    Opdrachten

    Schriftelijk voorbereiden: zie de huisregels/p>


    4.  Lees Yuen Ren Chao's artikel "Ambiguity in Chinese"; zie de PDF-link in Brightspace.

    Noteer waar je vragen of problemen in de tekst tegenkomt.

    Neem je aantekeningen mee naar de klas:

    op college gaan we pagina voor pagina door de tekst om deze punten te behandelen.

    Bij de leesteksten van deze cursus:

    – Als verplichte leesstof voor dit college zullen we géén gebruik maken van heel lange teksten.

    Daar staat tegenover dat je de teksten met volle aandacht moet lezen, en vooral: overdenken!

    Gezien het inleidende karakter van de cursus: let daarbij vooral op de gebruikte termen en begrippen.

    – Maak voor de opdrachten in deze cursus gebruik van de handboeken in de Azië-bibliotheek.

    Als je daar de weg niet kunt vinden: meld mij dit dan even.

    – Schaf een exemplaar aan, en/of check in de UB de electronische beschikbaarheid van:

    P. H. Matthews, The Concise Oxford Dictionary of Linguistics.

    Oxford: Oxford University Press, 2007 & latere edities.

    5.  Zoek via internet (bibliotheekcatalogi, zoekmachines) antwoord op de volgende vragen:

    a. Wanneer leefde Yuen Ren Chao?

    b. Hoe luidt zijn Chinese naam?

    c. Wat is de titel van zijn chef-d'oeuvre?

    d. Wanneer verscheen dat werk? Hoe oud was Chao dus toen dat boek verscheen?

    6.  Verzamel of bedenk zelf gevallen van (a) synonymie; (b) homonymie; (c) polysemie.

    Schrijf steeds apart de vorm en de betekenis op. Let daarbij op de transcriptie.

    Zoek twee gevallen per taal voor het Nederlands, voor het Mandarijn en een derde taal naar keuze.

    Als je de gevallen niet bedenkt maar verzamelt: schrijf de hele zin zo precies mogelijk op; schrijf datum, plaats en context erbij.

    7.  Hoe heet het transcriptiesysteem dat Chao in dit artikel gebruikt? Waarom gebruikt hij niet gewoon Pinyin?

    8.  Zijn de volgende paren van uitdrukkingen voorbeelden van

    a.  een 'Z-relatie', dat wil zeggen wat Chao hier een skewed relationship noemt?

    b.  homonymie?

    c.  polysemie?

    d.  of: geen van deze drie gevallen?

    • stroom 'stromend water' en stroom 'stromende elektronen'
    • witbrood en wit brood
    • een gezellig eettentje en een gezellig etentje
    • sectie en sexy
    • diep bukken en het leenwoord debuggen, uitgesproken met een [k] in plaats van de Engelse [g]
    • yí ge rén 'één persoon' en yí ge rén 'in z'n eentje'
    • yí ge rén 'één persoon' en yi ge rén 'een persoon'
    • Tā géi wǒ mái bēr xiǎoshuōr. en Tā mái bēr xiǎoshuōr géi wǒ.
    • brood op de plank in de letterlijke betekenis 'brood dat op een plank ligt' en brood op de plank in de overdrachtelijke zin van 'geld om van te leven'
    • Wie heeft wát gedaan? (met klemtoon op wat) en Wie heeft wat gedaan? zonder deze klemtoon

     

    Uitsmijter

    Paulien Cornelisse: St

    9.  Paulien Cornelisse is een praatster en schrijfster die rake waarnemingen van taal doet en daar graag over nadenkt.

    Bron: Paulien Cornelisse, "St" 

    De Volkskrant, 7 sep 24, p. 1 

      

    a.   Lees haar column in de Volkskrant van afgelopen zaterdag.

    Als je onbekende termen tegenkomt, check die dan; wat betekent bijvoorbeeld overtreffende trap?

    b.  Check de eerste vraag die de columnist zichzelf stelt, en haar eigen antwoord daarop.

    Noteer nu zelf zo precies mogelijk op welke betekenis dienst heeft, of kan hebben.

    Als je dit lastig vindt: schrijf dan in ieder geval de eerste betekenis(sen) op waaraan jij als spreker van het Nederlands zelf denkt wanneer je dienst hoort.

    En (zoals al even kort besproken op college) denk ook na over je transcriptie.

    Ga je die betekenis b.v. tussen aanhalingstekens zetten? of cursief? tussen vierkante haken? enzovoort.

    c.  In de tweede helft van de column gaat over het ontkrachten van woorden.

    Welk aspect van taal wordt hier ontkracht? (b.v. uitspraak? betekenis? allebei? iets anders?)

    d.  Na het voorbeeld van dienst noemt Cornelisse andere gevallen die "op die manier" ontkracht kunnen worden.

    Zeg in je eigen woorden wat hier bedoeld wordt met "op die manier".

    e.  Ken je in het Nederlands nog andere vergelijkbare gevallen? Noteer een of twee voorbeelden.

    (Pas op, dit is een strikvraag.)





    Week 3 (ma 23 sep 24)

    De bouwstenen van taal

    We hebben al kennis gemaakt met een aantal basisbegrippen in de bestudering van taal. Deze week zetten we de belangrijkste op een rij.

    We kijken hoe deze elementen zich tot elkaar verhouden, en welke rollen ze spelen in alledaags taalgebruik.

    Daarnaast leren we deze elementen op een consequente manier noteren, als hulpmiddel voor de beschrijving van taalverschijnselen.

    Teksten

     

    Opdrachten

    Waar hieronder wordt gevraagd om iets "kort" te formuleren betekent dat: liefst in een enkele zin.

    Individueel:

    10.  Voor Jenny en Maurits:

    • Neem de college-aantekeningen van sessie 2 (ma 16 sep) over van een klasgenoot, en bestudeer deze
    • Check de formateisen hieronder
    • Lever vervolgens je uitwerking van de opdrachten 4 t/m 9 in als PDF-bestand: per email naar
    • Gebruik de volgende bestandsnaam: <tkv-week02-Familienaam.pdf>
    • Deadline: vrijdag 20 september 2024, 13u00

    Format-eisen

    Voor al het in te leveren werk geldt:

    • Uitsluitend in PDF-formaat
    • Gebruik dubbele regelafstand
    • Verzorg je tekst; denk bijvoorbeeld aan zaken als naam, datum en collegekaartnummer
    • Je kunt altijd een afspraak maken om e.e.a. na te bespreken

    11.  Voor Luc en Redgy:

    • Open eerst een internetbrowser, log dan pas in op Brightspace, ga naar de Announcement van vorige week, en download alsnog de PDF voor die sessie
    • Als dit niet lukt: vraag een klasgenoot om de PDF
    • Lees het artikel
    • Neem je aantekeningen & vragen mee naar sessie 3

    Voor iedereen:

    12.  Op college is al even verwezen naar Grammatica van het Mandarijn (PDF).

    Hier nog even de besproken stof, voor wie dit wil nalezen:

    • over het geval wit brood tegenover witbrood:

    zie de bespreking in § 3.5

    • over de (misschien) onverwachte tonen in Tā géi wǒ mái bēr xiǎoshuōr. en Tā mái bēr xiǎoshuōr géi wǒ:

    deze (volstrekt regelmatige) tonen staan uitgelegd in § 2.2.4; zie met name figuur 2.8.

    13.  Lees uit "Taal in wording" de twee opgegeven paragrafen, op pp. 24 tot en met 26.

    Ga daarbij ook na of je alle details van Figuur 1 begrijpt.

    14.  In week 2 maakten we kennis met synonymie, homonymie, polysemie en Z-relatie.

    Schrijf korte definities uit van elk van de vier termen in je eigen woorden, en maak daarbij gebruik van de termen in Figuur 1.

    15.  Lees eerst de Transcriptiewijzer.

    Maak dan § 5 Nog meer oefeningen: de zinnen 1 tot en met 10.

    Op college zal je gevraagd worden deze zinnen op het bord voor te doen.

    16.  In "Taal in wording" lees je op p. 26 over "talen die de Nederlandse l- en r-klanken over een kam scheren".

    Lees daarover de bijdrage van Berthold van Maris:

    "Waarom zeggen Chinezen een l in plaats van een r?".

    Noteer eventuele vragen over de tekst en neem deze mee naar college.

    17.  Formuleer kort het l/r-probleem dat in deze tekst wordt besproken met behulp van taalkundige basisbegrippen die tot nu toe zijn behandeld.

    18.  Noteer alle hier genoemde voorbeelden van op z'n Wenzhounees uitgesproken Nederlandse woorden.

    Kun je in je eigen uitspraak van het Nederlands verschillen aanwijzen voor de realisatie van de /r/ in deze voorbeelden?

    19.  Het artikel noemt "in het Nederlandse taalgebied ongeveer 15 verschillende manieren om een r uit te spreken".

    Het gaat hier dus om regionale verschillen.

    Wat voor type verschillen kan verder een rol spelen bij variatie in de uitspraak van de /r/?

    Noem er minstens twee, met voorbeelden.

    20.  Gegevens over de uitspraak van de Nederlandse /r/ zijn te vinden in het proefschrift van Dick Smakman (Leiden, LUCL):

    Standard Dutch in the Netherlands: a sociolinguistic and phonetic description

    Dissertatie Radboud Universiteit, Nijmegen. Utrecht: LOT, 2006.

    Klik op de PDF van hoofdstuk 11 "Perceptual description" en bekijk tabel 11.5 op p. 237.

    Op hoeveel manieren kun je volgens deze bron de /r/ uitspreken in het Nederlands?

    21.  Het artikel besluit met "Ik hoor hooguit dat ze het wat vreemd intoneert".

    a.  Formuleer kort wat het verschil is tussen toon en intonatie.

    b.  Kun je hiermee ook Bertholds ervaring dat "Ik hoor hooguit dat ze het wat vreemd intoneert" verklaren?


    Uitsmijter

    Prinsjesdagtaal

    22.  Het zal je niet ontgaan zijn: afgelopen dinsdag was het Prinsjesdag.

    Taalkundig checken we hierbij iets over vorm, en iets over betekenis.

    RobTrip 

     

    Bron: NOS Prinsjesdag 2024

    NOS Nieuws, 17 sep 24 

      

    a.   Als je de term Prinsjesdag hoort, in hoeveel stukjes kun je die dan uit elkaar laten vallen?

    Check ook hoe je die stukjes zou noemen.

    b.  De aflevering duurt bijna vier uur. Aan het eind wordt de nieuwe minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kort geïnterviewd.

    Journalist Rob Trip verwelkomt de minister (3u20m14s) en geeft vrijwel direct aan dat hij een vraag heeft over de politieke rollen van Fleur Agema. Die vraag komt ongeveer vijf minuten later (vanaf 3u24m54s).

    Noteer de momenten (uur-minuut-seconde) waarop Trip de vraag stelt, herformuleert, omgooit, of ernaar verwijst. Noteer ook wanneer Agema de vraag beantwoordt.

    Van taal wordt vaak (zowel binnen als buiten de taalkunde) gezegd dat het een communicatiemiddel is (in het Mandarijn: jiāotōng gōngjù). Wat vind je daarvan? Bedenk voor- en tegenargumenten.




    Ter info

    bij opdracht 19:

    Koen Sebregts

    The Sociophonetics and phonology of Dutch r

    Dissertatie Universiteit Utrecht. Utrecht: LOT, 2015.

    Web: LOT Publications

     

     

     

     

     

     

     

     


    Week 4 (ma 30 sep 24)

    Fabels over taal

    Taal is altijd en overal aanwezig, en toch wordt er vaak grote onzin over verkondigd: dat het Chinees moeilijker is dan het Nederlands; dat het Italiaans een romantischer taal is dan het Duits; dat vrouwen meer praten dan mannen, dat logische taal betere taal is; enzovoort.

    Bauer & Trudgills bundel prikt een aantal van deze mythen door met kennis van zaken, maar ook met veel schwung.

    We lezen deze week over een hardnekkige fabel die vaak over Chinese talen verspreid wordt: dat ze geen grammatica hebben...

    Teksten

    Opdrachten

    Eerste inleveropdracht

    Kijk eerst de transcriptieoefeningen van week 3 nog eens na.

    Lees ook de format-eisen hierboven.

    Maak vervolgens de tien zinnen onder het kopje "Oefeningen (3)" op de volgende webpagina:

    Transcriptieoefeningen

    Stuur deze zinnen als PDF in een bijlage bij een mailbericht aan

    Gebruik de volgende bestandsnaam: <tk2var-opd1-Jouw_familienaam.pdf>

    Deadline: vr 27 sep 24


    Individueel

    23.  n.a.v. Sessie 3

    • voor Micah:

    Je had per abuis oefening 4 in plaats van oefening 5 gemaakt.

    Als het je helpt, kan ik daar ook nog even naar kijken. Mail me in dat geval een scan of foto van deze aantekeningen.

    • voor Maurits: Je opdrachten zijn te laat. Laatste kans!

    • voor Adrian, Jenny en Maurits:

    Neem de aantekeningen van onze derde sessie (23 sep) over van een klasgenoot, en bestudeer deze.

    Lever vervolgens de items 14 t/m 22 schriftelijk in; denk aan de format-eisen.

    Stuur je antwoorden als PDF in een bijlage bij een mailbericht aan .

    Gebruik de volgende bestandsnaam: <tkv-week03-Jouw_familienaam.pdf>

    Deadline: vrijdag 27 september 2024, 13u00

    Voor iedereen:

    24.  Overgebleven van de vorige keer: de uitsmijter (opdracht 22).

    25.  Nu we aantal basisbegrippen hebben leren kennen, is het tijd voor een concrete stap in het kader van het werkstuk.

    a.  Noteer minstens twee voorbeelden van taalgebruik in een Chinese taal naar keuze.

    Liefst iets uit levend spraakgebruik: bijvoorbeeld iets opvallends uit een opgevangen gesprek; of anders (maar dit is tweede keus) iets dat je gelezen hebt.

    Documenteer je voorbeelden in transcriptie: vorm plus betekenis.

    De bedoeling is om klassikaal te bespreken of en hoe je voorbeelden als aanleiding kunnen dienen voor een werkstuk.

    Achteraf wijzigen mag! Het gaat nu alleen om het bespreken van mogelijkheden.

     Het is dus op dit moment dus niet nodig, en ook niet de bedoeling, om onderwerpen te verzinnen. Het gaat alleen om voorbeelden: hoe concreter hoe beter.

    b.  Noteer bij elk voorbeeld een onderzoeksvraag.

    26.  Lees de Schrijfwijzer zorgvuldig en breng eventuele vragen hierover mee naar de klas.

    Bedenk al lezend of en hoe je de aanwijzingen in deze tekst kunt gebruiken voor je eigen werkstuk-plannen.

    Vooraankondiging

    Op maandag 14 oktober (week 6) volgt als inleveropdracht een eerste aanzetje tot het werkstuk.

    Je kunt desgewenst even langskomen om vragen hierover te bespreken: maak in dat geval tijdig een afspraak.

    27.  Lees de bijdrage van Bauer.

    Maak aantekeningen van eventuele vragen over of problemen met de tekst en neem deze mee naar het college.

    28.  In de eerste alinea van p. 77 worden vier onderdelen van de taalkunde genoemd in termen van rules.

    Geef gangbare Nederlandse namen voor elk van deze onderdelen.

    29.  "If Spelitzian had none of these, then when two speakers of this 'language' were talking, the listener would not know what the speaker intended." (p. 79).

    Aan de andere kant: echte talen "allow the precise communication of complex messages" (p. 79).

    Hoe precise is die precise communication precies?

    30.  Onderscheidt het Nederlands dezelfde soorten 'wij' als het Maori?

    En hoe zit het met het Mandarijn?

    31.  "If you hear the Spelitzian sentence for 'Give me some water,' you can be pretty sure you can use the same pattern for 'Give me some food.' " (p. 83).

    En is deze uitspraak waar?

    32.  Over dezelfde passage: wat voor soort patterns zijn hier bedoeld?

    33.  Chinese speelgoedtank: klik op het plaatje hiernaast.

    a.  Beschrijf uit welke elementen de Mandarijnse uitdrukking voor 'springveer' is opgebouwd, en hoe deze elementen zich tot elkaar verhouden.

    Hoe noem je deze elementen?

    Tot welk onderdeel van de grammatica behoort dit type beschrijving?

    b.  Zoals je weet, kun je in het Mandarijn bepalingen vormen met én zonder het onderschikkingspartikel de:

    hǎo (de) pěngyou 'goede vriend', Túěrqí (de) miànbāo 'Turks brood', enzovoort.

    Check bij twijfel § 3.3 in naar Grammatica van het Mandarijn (PDF).

    c.  Verklaar nu in je eigen woorden hoe het komt dat het onderschikkingspartikel de 的 niet voorkomt in regel 4: noch tussen 发 en 条, noch tussen 发条 en 坦克.

     

    Dessert

    34.  Een ijsje toe:

    a.  Wat is het betekenisverschil tussen ijsroom en roomijs?

    b.  Beschrijf kort de relatie tussen ijsroom en roomijs in termen van vorm en betekenis.

    c.  Check of je meer van zulke doubletten kent – in een taal (of talen) naar keuze.

     

    35.  En nog een kopje koffie:

    Wat zou "The grinders Quick MIll" betekenen?

     


    Week 5 (ma 7 okt 23)

    Europese pioniers in sinologie en in taalkunde

    Deze week spoelen we terug naar de beginfase van de Chinese taalkunde.

    In een korte tekst uit 1895 komen verschillende werelden samen:

    Teksten


    Leeshulp

    Algemeen  Het artikel bestaat uit een herdruk van een tekst van William Frederick Mayers, voorzien van een gloedvolle inleiding van Schlegel.

    pagina 499  Met "the Imperial Dictionary of K'ang-hi" wordt de 康熙字典 Kāngxī zìdiǎn bedoeld

    p. 499  "Since Peking has been opened": dit slaat op de periode vanaf 1860, na de tweede Opium-Oorlog (1856-1860).

    p. 502  In bronnen uit deze tijd wordt een citaat van meerdere alinea's vaak afgedrukt (zoals hier) door

    • te beginnen met een aanhalingsteken-openen (hier dus op p. 502), en dit teken te herhalen aan het begin van elke volgende alinea;
    • alleen aan het eind van de laatste alinea van het citaat een aanhalingsteken-sluiten te noteren (hier op p. 507).

    p. 503  De hier genoemde Sir William Jones geldt als een pionier in de taalkunde:

    "voornamelijk beroemd geworden door zijn uitspraak dat het Sanskriet verwant is aan het Grieks en Latijn"

    –we lazen hier al eerder over in "Taal in wording" (pp. 24-25).

    p. 505  "Mr. Oliphant" was de diplomaat Laurence Oliphant.

    p. 506 & passim  Het Engelse "shew" wordt tegenwoordig als <show> gespeld.

     

    Opdrachten

    36.  Backlog:

    De nog openstaande opdrachten zijn 33 t/m 35.

    37.  In opdracht 25 & 26 hebben we twee stappen gedaan in de voorbereiding van het werkstuk.

    a.  Check of er nog openstaande vragen zijn over de Schrijfwijzer.

    Neem je vragen en of opmerkingen mee.

    b.  Noteer minstens twee voorbeelden van taalgebruik in een Chinese taal naar keuze.

    Check het commentaar dat je vorige week hebt gekregen op je pogingen tot taalwaarneming.

    Houd je oren open, ga op zoek naar meer voorbeelden, en noteer deze voorbeelden in transcriptie: vorm plus betekenis.

    De bedoeling is om klassikaal te bespreken of en hoe je voorbeelden als aanleiding kunnen dienen voor een werkstuk.

    Achteraf wijzigen mag! Het gaat nu alleen om het bespreken van opties, vanuit je eigen waarneming.

     Check opdracht 25: geen onderwerpen verzinnen!

    c.  Noteer bij elk voorbeeld een onderzoeksvraag.

    38.  Lees de bijdrage van Gustaaf Schlegel:

    • Het stuk komt uit een ander tijdperk, dus raadpleeg voordat je begint de Leeshulp hierboven.
    • Ga zelf na wie Schlegel was en welke rol hij heeft gespeeld in de Chinese taalkunde.

    Maak aantekeningen van eventuele vragen over of problemen met de tekst en neem deze mee naar het college.

    Zoals besproken: we behandelen jullie eigen vragen & opmerkingen als eerste, en pas dan mijn opdrachten hieronder.

    39.  Valt je iets op aan de titel van Schlegels artikel?

    40.  Op p. 499 wordt de Pekinese uitspraak genoemd van de titel van het besproken woordenboek.

    Hoe luidt deze in Pinyin, en kun je deze uitspraak ook zelf terugvinden (in een bron naar eigen keuze)?

    41.  De tekst begint met een verhandeling over transcription (ook: transscription, p. 501)

    Deze term suggereert het 'omschrijven' van het ene medium in het andere.

    Wat wordt er in deze tekst precies mee bedoeld? Met andere woorden: wat wordt hier eigenlijk in wat getranscribeerd?

    – Baseer je argumenten op passages uit de tekst!

    42.  Op p. 503-504 is sprake van "The ancient establishment of the court at Nanking" en "the removal of the capital to Peking".

    Check om welke tijdsdiepte (jaren, decennia, eeuwen) het hier gaat.

    Met andere woorden: zoek de twee jaartallen op.

    43.  Op p. 505 ("the most modern changes in pronunciation") en 506 ("softened", sibilated") is sprake van een regelmatig soort klankverandering.

    a.  Kun je ook nagaan wat de taalkundige naam van dit verschijnsel is?

    b.  Het verschijnsel komt ook elders in de wereld veel voor. Kun je voorbeelden dicht bij huis noemen?

    44.  Kun je nagaan hoe "needless" de "gulf" op p. 506 is?

    45.  Voor de naam van de stad Hongkong wordt op p. 507 een Pekinese uitspraak genoteerd.

    Hoe luidt die uitspraak in Pinyin, en kun je deze uitspraak ook zelf terugvinden (in een bron naar eigen keuze)?

    46.  Afgezien van de Nanking-Peking-controverse:

    welke taalkundige kritiek zou je kunnen hebben op Schlegels eigen normen voor transcriptie in dit artikel?


    Week 6 (ma 14 okt 24)

    Naakt en toch niet naakt

    We lezen deze week een tweede hoofdstuk uit Language myths van Bauer & Trudgill.

    Dat dubbele ontkenningen onlogisch zijn is eigenlijk geen mythe. Het is eerder een waarheid als een koe.

    Taal gedijt bij het overtreden van de regels van de logica. Zo kun mensen dankzij hun taal tegelijkertijd naakt en niet naakt zijn.

     

    Beeld: Anglican Samizdat, July 1, 2014

    Tekst

    Jenny Cheshire, "Double negatives are illogical".


    Achtergronden

    De praktijk betrapt:

    Razia Iqbal, "The war that changed the world: India"

    BBC Documentary Archive, 8 Nov 14

    Rond 09m55s begint de zin It would be foolish of us to....

  • IPA-symbolen intypen

  • Voorbeeld van een handige online tool:

    IPA TypIt   


    Opdrachten

    47.  Over de eerste inleveropdracht:

    Je krijgt deze opdracht per email voor het weekend nagekeken van mij terug.

    Check verbeteringen, ga na of je ze snapt, en neem eventuele vragen mee naar college.

    48.  Over onderdeel a van opdracht 25.

    We bespraken het belang van eigen waarnemingen. Het gaat vooral om het noteren van iets opvallends uit levend, alledaags, spontaan spraakgebruik.

    Blijf luisteren, online of in het echt, en neem je eigen voorbeelden mee naar de klas.

    Zoals besproken: als je geen Chinese talen spreekt: werk samen!

    Kijk bijvoorbeeld samen met klasgenoten, of met een Chinese moedertaalspreker, naar spraakgebruik in online filmpjes.

    De afgelopen twee weken kwamen al mooie voorbeelden aan bod. We kwamen ook direct wat verwarring tegen: tussen waarneming en analyse. Daarom hier wat extra tips.

     

    Een voorbeeld uit het Mandarijn: stel dat je als je waarneming zou noteren

    Bij deze Mandarijnse spreker hoor je steeds een z waar je een zh zou verwachten.

    dan wek je, met dat "steeds", de verwachting dat je een patroon hebt ontdekt.

    Zo suggereer je meteen al een analyse, dus het is geen zuivere waarneming. Taalkundig schiet je er ook weinig mee op.

    We weten bijvoorbeeld niet hoe consequent het verschijnsel voorkomt, en of er misschien omstandigheden zijn waaronder het vaker of minder vaak optreedt.

    Zulke conclusies kun je pas trekken uit het eigenlijke onderzoek.

    Een analyse is een systematische gevolgtrekking uit waarneembare feiten. dat komt later wel!

    Een waarneming documenteert een concrete gebeurtenis.

    in dit stadium zijn we nu

    Een voorbeeld uit het Nederlands. Een taalkundige waarneming kan bijvoorbeeld zijn:

    In het NOS Journaal sprak de nieuwslezeres aan het begin van de zin Ze schrijven in de brief dat ze hun werk niet kunnen doen... de eerste keer ze uit als [zə], en de tweede keer als [sə].

    Let op de verleden tijd ("sprak ... uit"), die duidelijk maakt dat we verslag doen van taalgebruik dat daadwerkelijk gebeurd is.

    Bij het noteren van zo'n waarneming is het handig om direct wat details toe te voegen uit de context (wie? wanneer? waar?). Bijvoorbeeld:

    • Spreker: Malou Petter, geboren te Woubrugge op 2 juli 1990.
    • Aflevering van het NOS Journaal: 13 okt 21 om 7u00, Seizoen 201 aflevering 203.
    • De zin is daar te horen vanaf 0m33s.

    49.  Over onderdeel b van opdracht 25: hier was in de vorige sessie nog weinig tijd voor, dus we pakken de draad weer op.

    Zie over het formuleren van een onderzoeksvraag ook de Schrijfwijzer.

    Let hierbij vooral op het risico's van verzwegen aannames.

    Een verzwegen aanname is het zonder meer veronderstellen dat iets klopt, of dat iets duidelijk is.

    Als ik bijvoorbeeld vraag: Waarom zijn mieren zwart? dan schuilt daarin als verzwegen aanname dat mieren zwart zijn.

    Als een aanname verzwegen is, ligt het niet meer voor de hand om te checken of deze eigenlijk wel klopt.

    Juist voor een onderzoeksvraag zijn verzwegen aannames riskant. Als ze niet kloppen, staat een onderzoeksresultaat op losse schroeven.

    Kortom, voldoende reden om ze goed te leren herkennen.

    Vraag:  Kun je bijvoorbeeld in de bewering van hierboven, "Bij deze Mandarijnse spreker hoor je steeds een z waar je een zh zou verwachten.", een verzwegen aanname aanwijzen?

    N.B. Het gaat hier niet om het gebruik van "steeds".

    50.  Over opdracht 26.

    Er waren in de vorige sessie geen vragen over de Schrijfwijzer.

    Vandaag een herkansing voor wie te weinig tijd had: check nog een keer of je vragen hebt over de Schrijfwijzer, dit keer vooral met het oog op je eigen werkstuk-plannen.

    51.  Het wordt langzamerhand tijd om je waarnemingen in te leveren, als eerste aanzet voor je werkstuk.

    Inderdaad "langzamerhand", want voorafgaand aan deadline is er opnieuw ruim tijd om dit te bespreken, in de klas en daarbuiten.

    Documenteer twee zelf waargenomen voorbeelden van taalgebruik dat je opviel:

    een woordgroep, zinsdeel of zin, uit een Chinese taal naar keuze.

    Maximale lengte: 1 pagina per geval. Zie de format-eisen hierboven!

    a.  Geef voor beide gevallen niet alleen een vorm, maar ook de betekenis; let in beide gevallen op je transcriptie.

    b.  Noteer ook wat context voor beide waarnemingen, zoals geïllustreerd bij de nieuwslezeres hierboven, maar dan aangepast aan jouw gevallen.

    c.  Beschrijf ook kort, maar wel in lopende zinnen, waarom dit taalgebruik je opviel.

    Maak daarbij gebruik van de individuele en algemene tips en aanwijzingen die je in sessie 6 voorbij zag komen.

    d.  Formuleer bij elk voorbeeld een duidelijke onderzoeksvraag, of desgewenst meerdere onderzoeksvragen.

    Tweede inleveropdracht

    Lever opdracht 51 hierboven schriftelijk in.

    Stuur deze opdracht als PDF in een bijlage bij een mailbericht aan

    Gebruik de volgende bestandsnaam: <tkv-opd2-Familienaam.pdf>

    Deadline: ma 21 okt 24 om 9u00

    52.  Lees de bijdrage van Cheshire.

    Neem ook hierover je aantekeningen mee naar het college.

    53.  Vertaal het gedicht op p. 113 in het Nederlands.

    54.  Van wanneer dateert het laatste citaat op p. 113 ongeveer?

    55.  Op pp. 114 begint een korte uiteenzetting over de toepasbaarheid van de formele logica op de betekenissen van taal.

    Cheshire's conclusie is duidelijk: "it is very rarely appropriate to think in terms of logic when looking at language use" (p. 115).

    a.  Leg uit op welke manier de hierboven al even genoemde TNT!men een voorbeeld vormen van deze taal-semantische onlogica.

    b.  Lees mee hoe het Genootschap Onze Taal voor de Nederlandse uitdrukking op een haar (na) "de vreemde situatie" beschrijft dat "twee woordgroepen die het tegenovergestelde betekenen, inmiddels als synoniemen worden gebruikt".

    Wees er op voorbereid om ook de onlogica van dit geval op college in je eigen woorden na te vertellen.

    c.  Noem nu zelf een voorbeeld, in een taal naar keuze.

    56.  In "Double negatives are illogical" komen verschillende talen aan bod.

    Kun je die gegevens aanvullen met voorbeelden uit het Mandarijn?

    Luister ook naar het Engelse praktijkvoorbeeld in "The war that changed the world":

    rond 09m12s, waar de zin (haperend) begint met It would be foolish of us to....


    Uitsmijter

    Memoirs of a geisha

    57.  Bij de productie van Rob Marshalls film Memoirs of a geisha (2005) werd intensief samengewerkt tussen Amerikaanse, Japanse en Chinese acteurs die Engels, Japans, Mandarijn en Kantonees spraken.

    In een "Geisha Bootcamp Featurette" bij de film geeft de Supervising Dialect Coach enkele indrukken over de manier waarop taalproblemen in dit project werden aangepakt.

    a.  Schrijf op welke specifieke en welke algemene beweringen er over taal en talen worden gedaan in dit fragment (8':06" - 9':18" van de Featurette).

    b.  Voorzie elk van deze beweringen van je eigen commentaar.

     


    Week 7 (ma 21 okt 24)

    Uitzoomen en inzoomen

    Deze week lezen we over Chinese taalvariatie vanuit tegenovergestelde perspectieven.

    Uitzoomend:

    naar aanleiding van een korte inleiding over taal in China: David Mosers A Billion Voices.

    Inzoomend:

    over een kleine groep Chinezen in Nederland, de Hakka's, die vrijwel allemaal uit Suriname afkomstig zijn.

     

    Beeld: "Chinese man with Creole woman" (detail), Paul Brendan Tjon Sie Fat (2002: 244)

    Teksten

    Paul Brendan Tjon Sie Fat, "Kejia".

    In: Eithne B. Carlin en Jacques Arends, red., Atlas of the Languages of Suriname.

    Leiden: KITLV Press, 2002, pp. 232-248.

     

    Jeroen Wiedenhof, Grammatica van het Mandarijn (PDF).

     

    Banyan, "Let not a billion tongues bloom".

    The Economist, 15 oktober 2016, p. 49.

     

     

     

    Opdrachten

    Tweede inleveropdracht

    Lever opdracht 51 hierboven schriftelijk in.

    Stuur deze opdracht als PDF in een bijlage bij een mailbericht aan

    Gebruik de volgende bestandsnaam: <tkv-opd2-Familienaam.pdf>

    Deadline: ma 21 okt 24 om 9u00


    57.  voor Adrian:

    Neem de aantekeningen van onze zesde sessie (14 okt) over van een klasgenoot, en bestudeer deze.

    Lever vervolgens de items 53 t/m 56 schriftelijk in; denk aan de format-eisen.

    58. Lees de nieuwe teksten en neem ze samen met je aantekeningen mee naar college.

    Zoals altijd: jullie vragen over de tekst gaan voor.

    Over Paul Brendan Tjon Sie Fat, "Kejia"

    59.  Kun je iets vinden over de achtergrond van de auteur, en van de redacteurs?

    Hoe luidt de familienaam van de auteur? En uit welke taal is deze afkomstig?

    60.  In de eerste paragraaf legt de auteur uit hoe hij de termen "Hakka" en "Kejia" onderscheidt.

    • Wat hebben deze woorden met elkaar te maken?
    • Wat is de letterlijke betekenis van deze termen?
    • Waarom heten deze mensen en deze taal zo?

    61.  "Sranan" (p. 234): herken je iets in dit woord?

    Waar komt deze taal vandaan? Op p. 236 wordt deze taal een "lingua franca" genoemd: wat is dat?

    .  Wat wordt op p. 234 bedoeld met chain migration?

    62.  Op p. 235 wordt verteld dat "Kejia syntax and lexicon are rarely apparent in these letters". Hoe zou dat komen?

    63.  Wat is op p. 237 intra-ethnic communication?

    En wat zijn op p. 245 intrasentential switches?

    64.  Kun je de titel van de afgebeelde krant vertalen?

    65.  Op p. 239 wordt de Language atlas of China genoemd.

    Is daarvan een exemplaar aanwezig in Leiden?

    66.  Beschrijf in je eigen woorden zo nauwkeurig mogelijk het verschil tussen [w] en [v] op p. 240.

    • Hoeveel verschillende (dus: fonologisch contrasterende) lipklanken zijn er in het Nederlands?
    • En in het Mandarijn?
    • En wat wordt er bedoeld met "[ñ]" op dezelfde pagina?

    67.  "In Kejia the Middle Chinese yinshang and yangshang categories have merged, as well as the yinqu and yangqu categories" (p. 240).

    • Waar is datzelfde ook gebeurd?
    • Wat is nu eigenlijk het verschil in uitspraak tussen de qù-toon en de yángrù-toon?

    68.  a.  Lees over de splitsing tussen yin- en yang-registers de bespreking in Grammatica van het Mandarijn, pp. 16-17 goed na.

    b.  Volgt hier gegeven nummering van Kejia-tonen het "missie-systeem" of de academische notatie?

    69.  Wat wordt er op p. 241 bedoeld met "the inchoative meaning of Surinamese Dutch gaan 'go' "?

    Ken je hier voorbeelden van?

     

    Over Banyan, "Let not a billion tongues bloom".

    Dit is een beschouwing over de rol van het Mandarijn en andere Chinese talen in en buiten China.

    Deze recensie is informatief, prettig leesbaar en ook onderhoudend. Kortom: een geslaagd voorbeeld van schrijven over taal voor een breed publiek.

    Doe hiermee je voordeel in verband met je eigen werkstuk!

     

    70.  De titel van het artikel bevat een woordspeling – maar een woordspeling op welk origineel?

    Ga het historische kader na, en geef van het Chinese origineel minimaal de karakters, de uitspraak en de betekenis.

    71.  In de eerste alinea is sprake van een reclameboodschap en een persiflage daarop.

    Op 0'15" van de reclameboodschap is de Mandarijnse uitdrukking te horen die in het artikel als "boing" is vertaald.

    Luister goed naar deze uitspraak (liefst met je ogen dicht). Geef nu je eigen transcripties:

    a.  in Pinyin

    Tip – Bedenk dat de "traditional phonology" (alinea 2) beginklank, eindklank en toon onderscheidt.

    b.  in IPA

    72.  Zoek op welke twee nieuwe karakters er naar aanleiding van deze reclameboodschap in 2015 ontstonden.

    a.  De karakters zijn gebaseerd op een artiestennaam van Jackie Chan.

    Wat betekent die naam? (volgens jou als sinoloog/japanoloog! – en niet: volgens Wikipedia)

    b.  Zijn zulke karakters als digitale tekst te typen in een tekstverwerker?

    73.  Geef het in de derde alinea genoemde taboe rond taal en dialect kort in je eigen woorden weer.

    74.  In de vijfde alinea (Mandarin is now challenging...) wordt het standaard-Mandarijn "artificial" en "sanitised" genoemd.

    Is dit een bijzonderheid van de Chinese taalsituatie, of komt dit ook elders voor?

    Geef argumenten voor je standpunt.

    Tip – zie ook de voorlaatste alinea:

    "The education ministry says that 30% of the population in 2014, or roughly 400m, still could not speak standardised Mandarin, while only a tenth of those who could spoke it properly."

    (die datum bevat een typfout: de ministriële constatering dateert van september 2013) ; vergelijk de berichtgeving in de Engelse en Nederlandse media)

    75.  De achtste alinea meldt dat

    "Some bureaucrats, recognising the tragedy of losing local variants, now urge their protection, along with endangered languages of minority ethnic groups. Last month an education­ ministry official opined that learning Mandarin didn’t have to be at the expense of dialects, and that studying multiple languages could even be good for children’s development."

    N.a.v. "opined" in de laatste zin:

    Zijn er uit wetenschappelijk onderzoek aanwijzingen voor de voordelen van meertaligheid, of betreft het hier slechts een mening van de genoemde bureaucraten?

    En n.a.v. van "endangered languages" in de eerste zin:

    Hieronder een voorbeeld van het groeiende besef van het belang van de documentatie van bedreigde talen in China.

    (Oorspronkelijke weblink: <http://news.yntv.cn/content/20/201610/30/20_1391793.shtml>)


    Waar: Yuxi Normal University, Yùxī, Yúnnán / 云南玉溪师范学院

    Wanneer: 24 okt – 7 nov 2016

    Context: ELDP / Capacity Building in China



    Ter info

    WOinActie

    Op 14 november organiseert een brede beweging van studenten, medewerkers en vakbonden een protestmars tegen de catastrofale bezuinigingsplannen van het kabinet Schoof. Deze actie zal plaatsvinden in Utrecht, tussen 13.00 en 15.00

    De bezuinigingen komen overeen met het sluiten van een grote universiteit, twee kleine of de gehele Geesteswetenschappen. Inmiddels begint langzaam duidelijk worden dat de schade voor de Nederlandse wetenschap en het Nederlandse hoger onderwijs ongekend groot zal zijn. Met name studenten en jonge onderzoekers worden hard getroffen. Dergelijke bezuinigingen zullen de gehele samenleving raken. Nederland Kennisland wordt zo Nederland Kannieland.


    Uitsmijter

    Ton den Boon: geefgêne

    76.  Lees de bijdrage van Ton den Boon in Taalbank van eerder deze maand.

    Bron: Taalbank




    Check vervolgens deze bewering uit dat stuk:

    "Vrijwel zeker heeft de auteur gekozen voor geefgêne omdat de samenstellende delen van dat woord mooi allitereren."

    Wat betekent "allitereren"; en wat allitereert er hier precies?


    —met dank aan Wesley Eikenaar


    Vooraankondiging

    Op maandag 4 november (blok 2, week 1) houden alle deelnemers een korte mondelinge presentatie in het kader van het werkstuk.

    De eisen voor deze presentatie zijn als volgt:

    • Presenteer minimaal een onderzoeksvraag, een werkwijze (methodologie) en een voorbeeld van het onderzochte taalgebruik – niet noodzakelijk in die volgorde
    • Houd er goed rekening mee dat per presentatie maximaal vier minuten beschikbaar zijn; oefen en klok dit van tevoren!
    • Je moet een geprinte handout aan elk van de deelnemers uitreiken: breng genoeg exemplaren mee
    • Powerpoints mogen wel, maar alleen na tijdig overleg; gezien de beperkte tijd is het schoolbord handiger
    • Je (denkbeeldige) publiek heeft geen specialistische voorkennis – zorg dat bijvoorbeeld een student geschiedenis of wiskunde je verhaal kan volgen.

    Zoals eerder gezegd: kom gerust langs om plannen en ideeën te bespreken, maar wacht daarmee niet tot het laatste moment. Een afspraak maken via email werkt meestal het handigst.


    Blok 2

    Week 1 (ma 4 nov 24)

    Opdrachten

    77.  Iedereen heeft ondertussen een of meerdere keren commentaar gekregen op de werkstuk-vorderingen.

    Presentatie-opdracht

    Op maandag 4 november geeft elke deelnemer een korte presentatie over het werkstuk. Deze presentatie wordt ook beoordeeld als deelopdracht ("referaat").

    Aandachtspunten

    • Geef in de presentatie minimaal een onderzoeksvraag, een werkwijze (methodologie) en een voorbeeld van het onderzochte taalgebruik – niet noodzakelijk in die volgorde
    • Je (denkbeeldige) publiek heeft geen specialistische voorkennis – zorg dat bijvoorbeeld een student economie of geschiedenis je verhaal kan volgen.
    • Per deelnemer zijn maximaal vier minuten beschikbaar zijn; oefen en klok dit van tevoren!
    • Voor Adrian & Luc, en voor David & Reggie: jullie hebben dus gezamenlijk acht minuten; zorg dat je allebei evenveel spreektijd gebruikt en maak daarvoor een taakverdeling
    • Je moet een geprinte handout aan elk van de deelnemers uitreiken: breng elf exemplaren mee. Op je handout staat uitsluitend:
    • je naam, de datum en het kader (d.w.z. de naam van deze cursus)
    • het Chinese taalmateriaal dat je gevonden hebt: let daarbij op je transcriptie van vorm en betekenis; plus
    • je onderzoeksvra(a)g(en)

    De handout bevat dus géén verhaal: het verhaal zelf houd je mondeling.

    💡Print niet op het laatste moment, want printers kunnen soms storingen hebben...

    (Powerpoints mogen wel, maar alleen na tijdig overleg; gezien de beperkte tijd is het schoolbord handiger.)



    78.  Overgebleven van vorige week: opdracht 70 t/m 75.

     

    Uitsmijter

    Klanken schrijven

    79.   Voor de liefhebbers, als je meer wilt weten over fonetisch schrift.

    Geïnteresseerden kunnen hun tanden breken op het onderstaande.

    Als je wilt dat ik je pogingen bekijk: stuur ze op als PDF.

    N.B. dit telt NIET mee voor de beoordeling van deze cursus. Kortom: geen verplichting, en geen deadline.


    Vul de lege plekken in.

    Gebruik voor de fonetische notatie het IPA; handige weblinks staan hieronder.

    Nederlands

    Engels

    Mandarijn

       

     

    Orthografie

    IPA

     

    Orthografie

    IPA

     

    Pinyin

    IPA

     

     

    1.   [bʀam] 1.   [bɛt] 1.   [ pan ]    
    2.   [bʀɑm] 2.   [bæt] 2.   [ pɑŋ ]    
    3.   [ˌtɔmlanˈwɑ] 3.   [bɛd] 3. dà      
    4.   [ˌtɔmlɑnˈwaː] *) 4.   [bæd] 4. dàn      
    5. Piet   5. head   5. dàng      
    6. pit   6. had   6.   [ cçjəɻ  ]    
    7.   [ˈɑniˌʔɛmxeɪˈʃmit] 7.   [ˈhæpʰi] 7.   [ cçɛɻ  ]    
    8. Rutte   8. bead   8. jīān      
    9. Ruud   9. bid   9. jiān      
    10.   [ˈ] 10. beer   10. jiār      
                11. gēng      
      12. gēn      
      13. gē      
      14. ge      

    __________

    *)

           


    Week 2 (ma 11 nov 24)

    Taalkundig schrijfwerk

    Zoals we zagen, vergt het IN taal schrijven OVER taal nieuwe vaardigheden.

    Deze week oefenen we hands-on met dit soort praktische taalbeschrijving, ieder in het kader van het eigen werkstuk.

    Afbeelding: clarity Design, Zürich 

    Pencil / Full-CG Image

    Tekst en materiaal

     

     

    Opdrachten

    80.  Naar de Schrijfwijzer en de Transcriptiewijzer hebben we eerder gekeken, en we hebben daarmee ook geoefend.

    Nu je wat verder bent met het schrijfwerk:

    ga voor beide handleidingen na hoe deze aanwijzingen voor jouw eigen schrijfwerk toepasbaar zijn,

    – en vooral: waar deze nog problemen opleveren.

    Maak hiervan aantekeningen en neem deze mee naar college.

    81.  Ga de stand van zaken na voor je eigen werkstuk.

    Hou daarbij zowel je oorspronkelijke waarneming als je onderzoeksvraag in de gaten.

    Maak vervolgens een "routeplan" voor de rest van het werkstuk:

    • een opsomming van punten die je nog wilt behandelen, en
    • een (ruwe) verhaallijn: volgorde van de punten, een kop en een staart

    Neem dit plan mee naar college.

    82.  Neem je laptop mee en zorg voor een opgeladen accu.

    Zorg dat je je taalmateriaal bij je hebt, en de laatste versie van je schrijfwerk voor het eindwerkstuk.

    We gaan op college hieraan samen verder werken.

     


    Week 3 (ma 18 nov 24)

    'Nederland' in China

    In deze sessie gaan we na hoe Nederland in Chinese talen werd en wordt genoemd.

    En passant maken we kennis met een stuk Leidse sinologische geschiedenis.


    Afbeelding: 雷平 Léi Píng, Molen, 2000

    Tekst en materiaal

     

     

    Opdrachten

    83.  Begin met het intussen bekende achtergrondwerk:

    • ga na wat je kunt vinden over de de auteur (hint: "Koos Kuiper" = P.N. Kuiper)
    • check de historische achtergronden over Nederland en China in de hier besproken periodes (hint: raadpleeg ook je aantekeningen bij de colleges Chinese geschiedenis!)

    84.  Waarom begint de Russische tegenhanger van Holland (p. 73) niet met een h-klank, zoals [ɦ] of [h]?

    85.  De Nederlandse term Holland wordt beschreven als "evoking a feeling of intimacy" (p. 73).

    Ga na of dit overeenstemt met jouw eigen taalgevoel als moedertaalspreker van het Nederlands.

    86.  Ook op p. 73: als Chinese bron wordt hier de 海国图志 genoemd.

    Wat betekent die titel?
    Ga ook in de rest van het artikel de betekenis na van Chinese titels en andere eigennamen.

    87.  Bovenaan p. 74 staat de vertaling van de Chinese tekst in voetnoot 1:

    " 荷兰及弥尔尼壬两国同区总名日尼达兰"
    Identificeer hoe België in deze tekst genoemd wordt, en verklaar die Chinese keuze.

    89.  "The Ming-dynasty name was also commonly used in Japan." (p. 78)

    Waarom is dit in deze historische context relevant?

    90.  Volgens p. 80 "the new name was transcribed according to Cantonese, Hokkien and Mandarin pronunciation".

    Wat wordt hier precies bedoeld?

    Afbeelding: notitieboekje (van arts, apotheker?)
    aangeschaft op de pasar van Semarang, april 1973

    Met dank aan José van der Meulen

    Hint: Als je twijfelt, check dan ook het gebruik van de term transcription bovenaan p. 82.

    91.  Op p. 81 gaat het over "the mouth radical added to characters representing foreign sounds".

    Noem hier twee eigen voorbeelden van.

    92.  Bovenaan p. 83 wordt "the Hokkien rhyme dictionary Zengbu Huiyin 《增补彙音》 genoemd"; check hierbij ook opdracht 86.

    Wat zijn rijmwoordenboeken, en op welke manier(en) zijn deze relevant voor de Chinese taalkunde?

    93.  Op pp. 95-96 lezen we dat een Nederlandse ambassaderaad in 1943 vanuit Chóngqìng schrijft:

    "in English we get into trouble with "Dutch" "
    Dit is uitgelegd in voetnoot 4. Zie ook voetnoot 1 op p. 96: "in het Engels hebben we last met 'Dutch' ".
    Ben je het hiermee eens?
    Zo ja: waarom? En zo nee: waarom niet?


    Beantwoord de laatste twee vragen na lezing van de gehele tekst:

    94.   In de samenvatting van dit artikel (eerste alinea op p. 72) gaat het over "several Chinese names"

    Over welke Chinese talen gaat het hier?

    95.   Maak nu een educated guess:

    Zou er na de grondige inventaris in dit artikel nog veel interessants te melden zijn over de Chinese naamgeving van Nederland?


    Uitsmijter

    Paulien Cornelisse: Neder

    96.  We kwamen Paulien Cornelisse in deze cursus al eerder even tegen.


    Bron: Paulien Cornelisse, "Neder" 

    De Volkskrant, 12 nov 24, p. 1 

      

    a.   Lees eerst haar column in de Volkskrant van afgelopen dinsdag.

    b.  "Dat kan alleen door de Chinezen zijn bedacht": kun je nagaan in hoeverre dit klopt?

    c.  "Naamgeving was vroeger zelden een weloverwogen proces":

    • Geef een voorbeeld en een tegenvoorbeeld
    • En hoe zit dit tegenwoordig?

    d.  John Field is als beschrijver van field-names online goed te vinden.

    • Is de hier genoemde titel ook terug te vinden?
    • Hoe zeg je field-names in het Nederlands?

    e.  De laatste alinea bevat een uitdaging voor elke Nederlandse taalgebruiker.

    Wees creatief en neem minstens twee eigen varianten mee naar college.


    Afbeelding: O21





    Week 4 (ma 25 nov 24)

    Deze week geen bijeenkomst...


    ...maar wel:


    • Extra schrijftijd voor je werkstuk


    • Extra opties voor tussentijdse besprekingen van je schrijfwerk


      — Stuur een mailtje voor een afspraak!





     

     

     

     

    Week 5 (ma 2 dec 24)

    Taalkundig schrijfwerk

    Als extra steuntje in de rug biedt de sessie van deze week opnieuw begeleiding bij het schrijfwerk: ieder in het kader van het eigen werkstuk, met klassikale bespreking van gemeenschappelijke tips.

    Neem je schrijfwerk, mijn feedback en openstaande vragen mee naar college.



    Afbeelding: clarity Design, Zürich 

    Pencil / Full-CG Image

    Vierde inleveropdracht

    Lever de huidige tekstversie van je werkstuk in

    Stuur deze tekst als PDF in een bijlage bij een mailbericht aan .

    Gebruik de volgende bestandsnaam: <tkv-opd4-Familienaam.pdf>

    Denk aan de format-eisen.

    Deadline: do 5 dec 24



    Handige hulpjes

     Terminologie

     Talen van de wereld

     e-ANS (Nederlandse grammatica)

    Sinitische talen

     Grammatica van het Mandarijn (PDF)

     A grammar of Mandarin

     Schrijfwijzer

     Transcriptiewijzer

     Redactiesymbolen

     IPA Chart

     IPA sounds & videos

     IPA TypeIt

       

     Pink Trombone


    laatste wijziging: 27 november 2024 | home